Niet elke drukke week is reden om aan de bel te trekken. Werkstress hoort er soms bij. Het lastige is het moment herkennen waarop het van ‘een pittige periode’ verschuift naar iets dat aandacht nodig heeft, voordat het een burn-out wordt.
Het duurt langer dan een paar weken
Een drukke sprint of een lastige deadline is tijdelijk. Als de spanning aanhoudt nadat de piek voorbij is, en je merkt dat ‘even bijkomen in het weekend’ niet meer werkt, is dat een signaal dat het structureel is geworden in plaats van incidenteel.
Het raakt je functioneren, niet alleen je humeur
Prikkelbaar zijn na een zware week is normaal. Concentratieproblemen die aanhouden, fouten die je normaal niet maakt, of merken dat je jezelf moet dwingen om aan simpele taken te beginnen, wijzen op iets dat verder gaat dan gewone vermoeidheid.
Je merkt afstand tot je werk
Het gevoel dat het toch niet uitmaakt, of dat je er met je hoofd niet meer bij bent zelfs in rustige periodes. Deze afstand is een van de drie vroege signalen die in burn-outonderzoek steeds terugkomen, naast uitputting en een verminderd gevoel van eigen kunnen.
Je hebt het er met niemand over
Als je merkt dat je bewust vermijdt om te zeggen hoe het echt gaat, tegen je manager, je partner of jezelf, is dat vaak een teken dat je er zelf al weet dat het niet goed zit.
Wat ‘hulp inschakelen’ niet hoeft te betekenen
Het hoeft geen groot gesprek met de bedrijfsarts te zijn. Een kort, laagdrempelig contact, iemand die met je meekijkt voordat het een crisis wordt, is vaak al genoeg om het tij te keren. Dat is precies waarom ik met korte, regelmatige check-ins werk in plaats van te wachten tot er een aanleiding is.
Twijfel je?
Plan een vrijblijvend gesprek, zonder verplichtingen. Soms is dat gesprek zelf al genoeg om helderheid te krijgen.
